Beyond Bulls & Bears

Graven naar grondstoffenkansen in 2014

Dit artikel is ook beschikbaar in: Engels Vereenvoudigd Chinees Frans Italiaans

Voor de sector van de grondstoffen was 2013 een overgangsjaar, waarin veel bedrijven zich door de context van relatief trage economische groei gedwongen zagen de kosten terug te dringen en een sterkere kapitaaldiscipline aan te houden. Franklin Equity Group® analisten Fred Fromm, Stephen Land en Matthew Adams denken dat een opklaring in de economische vooruitzichten kan leiden tot een toenemende vraag naar grondstoffen, en zij zien vooral mogelijkheden voor een gezonde groei van de vraag naar energie. Zij geven hier hun kijk op de grondstoffensector in 2014 en vertellen waar volgens hen de interessantste kansen te vinden zijn.

Frederick G. Fromm, CFA, Portfolio Manager en Research Analyst
Stephen M. Land, CFA, Portfolio Manager en Research Analyst
Matthew J. Adams, CFA, Portfolio Manager en Research Analyst
Franklin Equity Group®

2013 was volgens ons een overgangsjaar voor de sector van de natuurlijke rijkdommen. De aan grondstoffen gekoppelde markten moesten een nieuw evenwicht zien te vinden door de context van vertragende wereldwijde economische groei en toenemende vraag naar een aantal belangrijke grondstoffen. Veel bedrijven zetten dan ook agressieve kostenverlagingen in en stelden projecten uit of annuleerden ze zelfs, om de kapitaaluitgaven in te dijken en hun balans te herstellen. Hoewel dit geen verrassing was in sectoren zoals die van de goudmijnen, die geconfronteerd werden met stijgende kosten en een aanzienlijke daling van de goudprijs, was de trend van een sterkere kapitaaldiscipline ook merkbaar bij bedrijven die nog relatief stabiele omstandigheden genieten. Een dergelijke overgang, die meestal plaatsvindt tijdens moeilijke periodes, zou op langere termijn belangrijke gevolgen op beleggingsgebied kunnen hebben. In sommigen gevallen speelde ook het activisme bij de aandeelhouders een rol: diverse bedrijven gingen in op de aanzwellende eis van hogere rendementen en kapitaalretour via stijgende dividenden en aandelenterugkopen.

Hoewel onze verwachtingen voor de verschillende grondstoffensectoren soms uiteenlopen, denken wij dat de trend van kostenverlaging en kapitaaldiscipline op termijn een goede zaak kan zijn. De meeste bedrijven zouden dan immers in een sterkere financiële positie verkeren om de heersende marktomstandigheden het hoofd te bieden, terwijl de verlaging van de uitgaven zou kunnen leiden tot een strakkere vraag/aanbod-situatie in de toekomst. Wij denken dat een verbeterde kostenpositie in combinatie met de mogelijkheid van een tragere aanbodgroei, een veerkrachtige vraag en stijgende grondstoffenprijzen een potentieel voor aandelenkoerswinst kan inhouden. Daarnaast is het positief vast te stellen dat de beleggers weer meer belangstelling krijgen voor bedrijven met solide groeivooruitzichten op langere termijn, en zich niet langer blind staren op de inkomsten en kortetermijncashflow, zoals de afgelopen jaren maar al te vaak het geval was.

Wat 2014 betreft zijn er diverse trends die volgens ons aantrekkelijke aandelenrendementen zouden kunnen opleveren voor beleggers in de sector van de natuurlijke rijkdommen. Wij denken dat de geleidelijke verbetering van de wereldwijde economische vooruitzichten een sterkere vraag naar grondstoffen kan opleveren, vooral in de VS en Europa, die de laatste tijd weinig – en in sommige gevallen zelfs een negatieve – invloed hadden op de grondstoffenmarkten. Hoewel de voorraden van sommige grondstoffen zijn toegenomen, kunnen productieonderbrekingen en -verlagingen helpen om de impact hiervan op de grondstoffenprijzen te beperken. Ook de vraag, die volgens ons sterker zou kunnen worden dan algemeen verwacht, zou wat van de extra capaciteit kunnen absorberen, zoals overigens reeds in 2013 het geval was voor bepaalde grondstoffen. Onze strategie is echter niet voornamelijk op de algemene trends in de grondstoffenprijzen gebaseerd, maar streeft er meer naar rendement te genereren door de bedrijven te identificeren die volgens ons over het vermogen beschikken om hun omzet en cashflow te verhogen in een context van genormaliseerde prijzen, of een context waarin de prijzen nauw aanleunen bij de marginale productiekosten.

Op de energiemarkt verwachten wij een gezonde groei van de vraag van de opkomende markten, terwijl de ontwikkelde landen veeleer een grotere stabiliteit van de vraag zouden moeten vertonen. Opvallend genoeg geeft zelfs in de VS de vraag naar aardolieproducten weer teken van leven, na meerdere jaren van stagnatie of zelfs daling, en hoewel we niet denken dat de vraag in de VS of Europa wezenlijk zal groeien, hopen wij wel dat zij de wereldwijde consumptiegroei minder zal afremmen dan de afgelopen jaren het geval was.

Belangrijk daarbij is te noteren dat de Amerikaanse economie een aanzienlijke verschuiving naar zelfvoorziening op energiegebied ondergaat, dankzij de snelle groei van de productie van ruwe aardolie en aardgas, onder impuls van nieuwe boortechnologieën en methodes om voorheen niet-exploiteerbare reserves aan te boren. Deze ‘energierenaissance’ zal ongetwijfeld ingrijpende gevolgen hebben voor de Amerikaanse economie en de wereldpolitiek.

Op ondernemingsniveau zijn veel Amerikaanse bedrijven voor energie exploratie en productie nu geëvolueerd van de evaluatiefase naar de productie van niet-conventionele bronnen, zoals schaliegas. Wij denken dat dit op termijn zal leiden tot de vertaling van productiegroei in cashflow en hogere aandelenkoersen, omdat de producenten zouden moeten profiteren van de aan ontwikkeling gerelateerde rendementswinsten. Leveranciers van uitrusting en diensten voor olievelden zijn natuurlijk een doorslaggevende factor in deze trend, zij streven er immers naar munt te slaan uit de toenemende rendabiliteit van de ontwikkelings- en extractietechnieken. En ook andere landen zijn begonnen met de ontwikkeling van hun niet-conventionele bronnen, wat nieuwe markten zou kunnen creëren voor de Amerikaanse bedrijven. 

Voor tijdige beleggingstips kunt u ons volgen op Twitter @FTI_Global en op LinkedIn.

Wat zijn de risico’s?
Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. De waarde van beleggingen kan zowel dalen als stijgen en beleggers krijgen mogelijk niet het volledige ingelegde bedrag terug. Beleggingen in de grondstoffensectoren gaan gepaard met specifieke risico’s, zoals een hogere gevoeligheid voor ongunstige economische en regelgevende ontwikkelingen in de sector.

Aandelenkoersen vertonen soms snelle en scherpe schommelingen als gevolg van factoren die een invloed hebben op individuele bedrijven, specifieke sectoren of bedrijfstakken, of op de algemene marktomstandigheden.

Buitenlandse effecten zijn onderhevig aan bijzondere risico’s zoals koersschommelingen, economische instabiliteit en politieke ontwikkelingen.  Beleggingen in opkomende markten gaan gepaard met hogere risico’s vanwege diezelfde factoren, naast risico’s die voortvloeien uit hun relatief kleine omvang en lagere liquiditeit.

CFA® en Chartered Financial Analyst® zijn handelsmerken die eigendom zijn van het CFA Institute.