Beyond Bulls & Bears

Beleggingsvooruitzichten 2015: Wereldwijde aandelen en de kansen binnen de uitdaging van sharia-beleggingen

Dit artikel is ook beschikbaar in: Engels Frans Italiaans Duits Spaans Pools

We kunnen putten uit vrijwel alle aandelenmarkten uit de hele wereld, en het is dan ook geen eenvoudige zaak om te bepalen wat de beste individuele beleggingskansen voor een portefeuille zijn. Alan Chua, Executive Vice President en Portfolio Manager bij de Templeton Global Equity Group, is niet alleen belast met het selecteren van beleggingen uit de hele wereld die volgens hem over een goed potentieel beschikken, maar voor de sharia-conforme portefeuilles die hij beheert, moet hij er bovendien op toezien dat de betrokken beleggingen beantwoorden aan specifieke sharia-principes. Hij vertelt waar hij en zijn team aan het begin van 2015 op zoek naar aandelenkoopjes zijn en hoe het aandelenselectieproces verschilt door de nuances van een sharia-conforme aandelenportefeuille.

Alan Chua
Alan Chua

Alan Chua, CFA
Executive Vice President, Portfolio Manager en Research Analyst
Templeton Global Equity Group™

Als bottom-up aandelenbeleggers denken wij weliswaar dat het belangrijk is om oog te hebben voor de macro-economische indicatoren van een bepaald land of een regio, maar belangrijker nog volgens ons is het onderzoek van de individuele sectoren en bedrijven om alle winstfactoren op te sporen. Terugblikkend op 2014 is het duidelijk dat de Europese aandelen niet de topfavoriet waren op de markten. De waarderingen in de eurozone zijn bij de goedkoopste ter wereld, het gevolg van de Europese financiële crisis van enkele jaren geleden. De doorgaans risicoaverse beleggingsgemeenschap had het afgelopen jaar de neiging Europa links te laten liggen door de meestal zwakke economische fundamentals. Veel Europese bedrijven blijven echter relevant en concurrerend op wereldvlak, met geografisch diverse inkomstenstromen en hoge operationele hefbomen. In vergelijking met de andere ontwikkelde markten beschikt Europa ook nog over de grootste manoeuvreerruimte voor extra monetaire en begrotingsstimulansen. Wij houden Europa dan ook nauwgezet in het oog en blijven er zoeken naar koopjes.

Wij denken dat een duidelijk lichtpunt in Europa vandaag – vooral van belang voor onze sharia-conforme portefeuilles – is de gezondheidszorgsector, die volgens ons kan bogen op redelijke waarderingen en een goed langetermijnpotentieel. Aan het einde van de jaren 90 en het begin van deze eeuw werd de sector van de gezondheidszorg verhandeld bij enorme multiples, meer dan 30 maal de winst. De waarderingen zijn sindsdien echter flink gezakt en in 2009–2010 bereikten ze hun bodem iets boven tien maal de winst, door een perfecte storm van toenemende regelgeving, afnemend onderzoek en tanende ontwikkelingsproductiviteit, naast de concurrentie van generieke geneesmiddelen. Wij hadden echter een meer positieve kijk op de sector en spoorden een aanzienlijk potentieel voor kostenbesparingen, herstructureringen en pijplijnontwikkeling op bij geselecteerde bedrijven. De laatste tijd vertoont de sector volgens ons een nieuwe dynamiek. Er komen meer goedgekeurde geneesmiddelen op de markt en de uitgaven voor gezondheidszorg op de opkomende markten blijven de winst aansturen in veel gezondheidszorggerelateerde bedrijven.

Wij vinden ook selectieve kansen bij een eclectische groep gezondheidszorgbedrijven buiten de gebruikelijke farmawereld die volgens ons ondergewaardeerde (en vaak ook niet-gecorreleerde) groeikansen bieden voor langetermijnbeleggers. Volgens ons vormen dergelijke bedrijven ook aantrekkelijke overnamekandidaten voor grote farmaconcerns en biotechnologiefirma’s die minder afhankelijk willen worden van octrooiproducten. Het jaar 2014 was in dat verband overigens een recordjaar voor fusies en overnames in de farmaceutische sector.

Wij zoeken daarnaast ook naar waarde in zwaar getroffen sectoren zoals energie, waar wij nu meer tijd aan besteden, gelet op de duik van de aandelenkoersen in parallel met de grondstoffenprijzen. Proberen de aardolieprijzen op korte termijn te voorspellen is volgens ons een nutteloze bezigheid – het is immers een vrijwel onmogelijke opdracht. Op langere termijn kunnen de extractie en verwerking van aardolie verlieslatend worden bij het huidige prijsniveau, wat waarschijnlijk zal leiden tot het stilleggen van een deel van de productiecapaciteit en door een zelfcorrigerend mechanisme uiteindelijk een evenwichtspositie zal opleveren. Naarmate de wereldwijde groei aantrekt, zou ook de vraag naar aardolie moeten verbeteren, en volgens ons is er op een termijn van drie à vijf jaar een groter risico van hogere aardolieprijzen dan van verdere prijsdalingen.

Sommige opkomende markten zijn ook interessanter geworden, na twee jaar van uitgesproken underperformance ten opzichte van hun ontwikkelde tegenhangers. Wij hebben selectieve waarde voor onze portefeuilles gevonden in China, al blijft de context moeilijk door de aanzienlijke economische onevenwichtigheden en de sterk gepolitiseerde bedrijfsomgeving. Onze focus in China ligt op het vinden van bedrijven met een solide balans en goede kapitaaldiscipline. We herhalen daarbij dat niet alle opkomende markten over dezelfde kam mogen worden geschoren – het onderzoek moet dan ook op individuele basis gebeuren.

Vooruitzichten voor Japan

Wij hebben de indruk dat echte waarde relatief dun gezaaid blijft in Japan, waar veel grote ondernemingen concerns zijn met secundaire posities in sectoren die ons maar matig bekoren. De bedrijfswereld in Japan heeft traditioneel meer oog voor stakeholders dan voor aandeelhouders, wat druk zet op het aandelenrendement en aan de basis ligt van de relatief lage koers-boekwaardeverhoudingen in het land. Waar Japan volgens ons het meeste behoefte aan heeft, zijn hervormingen op wetgevend en ondernemingsgebied om hogere aandelenrendementen, consumptie en kapitaaluitgaven te stimuleren. Wij zijn van mening dat de enige hefboom waar de Japanse overheid volledige controle over heeft, het monetaire beleid is. De begrotingsstimulansen zijn beperkt door de nationale schuldenberg en de problemen om de belastinginkomsten op te trekken of structurele hervormingen in te voeren. Ook als ze volledig worden geïmplementeerd, zal het tijd kosten voordat de resultaten zichtbaar worden. Het was dan ook geen verrassing voor ons dat de Bank of Japan in 2014 nieuwe maatregelen voor kwantitatieve versoepeling nam.

Structurele hervormingen liggen moeilijk in Japan door de weerstand van zowel politieke partijen als gevestigde belangen, die veel te verliezen hebben bij structurele hervormingen. ‘Abenomics’ boekt volgens ons gedeeltelijk succes door de monetaire versoepeling, maar wij denken dat de stimuleringsmaatregelen via de begroting niet zullen volstaan, gelet op de bovenstaande hinderpalen. Wij denken dat het langetermijnsucces staat of valt met de structurele hervormingen, maar de tot nu toe aangekondigde maatregelen gaan niet ver genoeg en vereisen meer ‘medewerking’ van de ondernemingen en de arbeidsmarkt om echt een verschil te maken.

Sommige verlichte Japanse bedrijven zijn het pad van de verandering ingeslagen, wat ons hoop geeft. Wij putten ook hoop uit de inspanningen van de overheid om een en ander op de agenda te plaatsen via het opstellen van een index van bedrijven met hogere ROE (return on equity, aandelenrendement). Wij denken dat dit allemaal positieve tekenen zijn en dat de overheid zich ervan bewust is dat het verhogen van het rendement voor de aandeelhouders van groot belang is. Het Japanse Government Pension Investment Fund (beleggingsfonds voor overheidspensioenen, GPIF) zal het in de toekomst waarschijnlijk ook minder moeten hebben van obligatierendementen dan van aandelenrendementen, wil het de levensvatbaarheid van het pensioenstelsel op langere termijn veiligstellen. De grootschalige veranderingen zullen er echter niet van vandaag op morgen komen, eerst moet het senior management ervan worden overtuigd dat het lage ROE ten opzichte van de rest van de wereld een reëel probleem vormt.

De kansen binnen de uitdaging van sharia-beleggingen

Beleggingen selecteren voor onze sharia-conforme portefeuilles gebeurt volgens hetzelfde bottom-up onderzoeksproces, en de algemene beleggingsstandpunten weerspiegelen die van onze ruimere portefeuilles. Bij deze portefeuilles moet echter rekening worden gehouden met diverse unieke aspecten. Zo mogen de balansen van de betrokken bedrijven niet teveel liquide activa of schulden vertonen en mogen de bedrijven zich niet inlaten met ‘haram’ (verboden) sectoren, zoals alcohol, tabak en gokken, of met specifieke voedingsmiddelen die ‘niet-halal’ zijn.

Aangezien wij weten wat toegestaan is voor sharia-aandelen, namelijk een maximum van 5% voor niet-halal activiteiten en een maximum van 33% voor schulden en rente uit de vrije kasstroom, kunnen wij een gepaste aandelenselectie opstellen. Gelet op die vereisten denken wij zelfs dat de fondsbeheerder de betrokken aandelen nog diepgaander moet onderzoeken, wat resulteert in de samenstelling van portefeuilles met hoge overtuiging. Sharia-adviseurs die als experts in islamwetten worden beschouwd, vormen een integraal onderdeel van het selectie- en controleproces van de beleggingen. Onze portefeuilles worden onafhankelijk gecontroleerd en goedgekeurd door de Amanie International Shariah Supervisory Board, die een uitstekende reputatie geniet dankzij zijn uitgebreide raad van sharia-leden en zijn technische expertise.

Wanneer het aandelenuniversum op die manier wordt onderworpen aan strengere filters (vanwege de strikte sharia-vereisten), zijn er natuurlijk minder aandelen om uit te kiezen, en een sharia-portefeuille kan dan ook een hogere weging in een bepaald aandeel vertonen dan onze conventionele portefeuilles. Door deze hogere concentraties in bepaalde aandelen of sectoren wordt de portefeuille diepgaander onderzocht vanuit risicobeheerperspectief. Wij denken echter ook dat dit diepgaande onderzoek ons helpt om sterke overtuigingen op te bouwen over wat volgens ons de beste potentiële kansen zijn.

Wij kunnen met gepaste trots stellen dat wij een naar letter en geest sharia-conforme wereldwijde aandelenfondsbeheerder zijn, mede dankzij de aanwezigheid van de Templeton Global Equity Group ter plaatse, overal ter wereld.

De verklaringen, meningen en analyses in dit document vertegenwoordigen het persoonlijke standpunt van de beleggingsbeheerder. Zij zijn enkel bedoeld ter algemene informatie en mogen niet worden beschouwd als individueel beleggingsadvies of als een aanbeveling of verzoek om enig effect te kopen, te verkopen of te houden, of enige beleggingsstrategie te volgen. Zij vormen geen juridisch of fiscaal advies. De informatie in dit document geldt per de publicatiedatum en kan zonder kennisgeving worden gewijzigd. Zij is niet bedoeld als een volledige analyse van elk belangrijk feit over een land, regio, markt of belegging.

Er kunnen bij de opstelling van dit document gegevens van externe bronnen zijn gebruikt die niet onafhankelijk zijn gecontroleerd of bevestigd door Franklin Templeton Investments (‘FTI’). FTI aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor enig geleden verlies als gevolg van het gebruik van deze informatie, en de gebruiker die zich verlaat op deze verklaringen, meningen en analyses doet dat louter op eigen risico. Producten, diensten en informatie zijn mogelijk niet in alle rechtsgebieden beschikbaar en worden door met FTI gelieerde ondernemingen en/of hun distributeurs alleen aangeboden als dat door de lokale wetten en regels wordt toegestaan. Gelieve uw eigen beleggingsadviseur te raadplegen voor nadere informatie over de beschikbaarheid van producten en diensten in uw rechtsgebied.

U kunt meer inzichten van Franklin Templeton Investments in uw inbox ontvangen. Schrijf in op de Beyond Bulls & Bears blog.

Voor tijdige beleggingstips kunt u ons volgen op Twitter @FTI_Global en op LinkedIn.

Wat zijn de risico’s?

Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder een mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. De waarde van beleggingen kan zowel dalen als stijgen en beleggers krijgen mogelijk niet het volledige ingelegde bedrag terug. Aandelenkoersen vertonen soms snelle en scherpe schommelingen als gevolg van factoren die een invloed hebben op individuele bedrijven, specifieke sectoren of bedrijfstakken, of op de algemene marktomstandigheden. De prijs van waarde-effecten stijgt mogelijk niet zoals verwacht, of ze kunnen in waarde dalen. Beleggingen in het buitenland zijn onderhevig aan speciale risico’s zoals koersschommelingen, economische instabiliteit en politieke ontwikkelingen. Beleggingen in opkomende markten gaan gepaard met hogere risico’s vanwege diezelfde factoren, naast risico’s die voortvloeien uit hun relatieve omvang en lagere liquiditeit. Beleggingen in landen met een opkomende markt, waar frontiermarkten een subset van vormen, gaan gepaard met grotere risico’s die verband houden met dezelfde factoren, boven op de risico’s die verbonden zijn aan hun relatief geringe omvang, de lagere liquiditeit en het gebrek aan een gevestigd wettelijk, politiek, zakelijk en sociaal kader om effectenmarkten te ondersteunen. Omdat deze kaders doorgaans nog minder ontwikkeld zijn op de frontiermarkten, en gelet op diverse factoren zoals het hogere risico van extreme koersvolatiliteit, illiquiditeit, handelsbarrières en deviezencontroles, gelden de risico’s van de opkomende markten nog sterker voor frontiermarkten.

CFA® en Chartered Financial Analyst® zijn handelsmerken die eigendom zijn van het CFA Institute.