Beyond Bulls & Bears

Waarom olie deze zomer opnieuw in de uitverkoop gaat

Dit artikel is ook beschikbaar in: Engels Frans Italiaans Duits Spaans Pools

Voor het tweede jaar op rij luidde het begin van de zomer een daling van de olieprijzen in. Hoewel de daling van dit jaar niet zo uitgesproken is als die van vorig jaar, beginnen sommige marktwaarnemers door de volatiliteit te twijfelen of de vraag op lange termijn het verwachte aanbod wel zal kunnen bijbenen. Vooral nu er gespeculeerd wordt over meer Iraanse olie op de markt na de politieke doorbraak die zou kunnen leiden tot een opheffing van de internationale sancties. Fred Fromm, vice president en portfolio manager van de Franklin Equity Group, bespreekt de recente daling van de olieprijzen en de vooruitzichten voor de sector. Hij vertelt ook waar hij mogelijke beleggingskansen ziet onder de energieaandelen die zware klappen hebben gekregen.

Fred Fromm
Fred Fromm

Fred Fromm

Vice President, Research Analyst

Portfolio Manager

Franklin Equity Group

Nadat de olieprijzen in maart 2015 tot hun laagste peil in zes jaar tijd waren gezakt, leken ze aan een herstelbeweging bezig tot er deze zomer opnieuw twijfels over de vraag-aanboddynamiek ontstonden, waardoor de prijzen voor zowel US West Texas Intermediate als Brent ruwe aardolie terugvielen tot minder dan 50 dollar per vat.[1]

Verschillende factoren hebben bijgedragen aan de recente volatiliteit. De zwakke economische groeivooruitzichten van opkomende markten zoals China en Brazilië hebben zeker meegespeeld, net zoals de vrees dat de recente turbulentie op de Chinese aandelenmarkt de vertraging van de economische groei in het land zou kunnen versterken en de vraag naar grondstoffen nog meer onder druk zou zetten. De productieverhoging door leden van de Organisatie van olie-exporterende landen (de OPEC), en dan in de eerste plaats Saoedi-Arabië, kwam bovendien op een moment dat veel waarnemers al vonden dat er een overaanbod was op de markt. De beleggers begonnen ook de verklaringen van de US Federal Reserve angstvallig in de gaten te houden, wetende dat een rentestijging in de VS wellicht de dollar nog duurder zou maken, wat een remmend effect kan hebben op de grondstoffenprijzen in het algemeen.

 

Saudi production snip 2 INTLHet vooruitzicht dat er nog meer olie op de markt zou kunnen komen na het verwachte nucleaire akkoord met Iran en een mogelijke opheffing van de economische sancties, was olie op het vuur. Analisten van de sector verwachten de terugkeer van Iraanse olie al sinds vorige winter, toen er een akkoord met Iran in de maak leek, maar de klaarblijkelijke afronding van de onderhandelingen heeft een zekere mate van onzekerheid over het extra olie-aanbod gecreëerd. De hoeveelheid olie die op de internationale markt zal worden gebracht en het tijdstip daarvan, vragen waarover nog steeds druk wordt gediscussieerd, zullen bepalen of de terugkeer van Iraanse olie ordelijk zal verlopen dan wel de wereldmarkten grondig zal verstoren.

Zelfs als het akkoord daadwerkelijk ondertekend is, zal het waarschijnlijk nog vele maanden duren voordat het volledig wordt gerealiseerd. Bovendien blijft het potentieel voor Iran om zijn olieproductie te verhogen een punt van controverse. Wat de uitkomst ook zal zijn, de onzekerheid volstond tot dusver om veel beleggers aan de zijlijn te houden totdat er meer duidelijkheid komt. De recente aandelenprestaties van de energiesector zijn volgens ons een illustratie van deze malaise. In elk geval is het niet erg waarschijnlijk dat er aanzienlijke productie- en exportverhogingen van Iraanse olie zullen plaatsvinden voor het begin van 2016.

Als Iran een comeback maakt op de internationale markt, zou die in staat moeten zijn om het extra aanbod te absorberen. Je zou zelfs kunnen zeggen dat de wereld die extra vaten olie goed zal kunnen gebruiken, vooral als de huidige groei van de vraag zich doorzet.

Daarnaast beginnen we misschien net het begin te zien van de effecten van lagere olieprijzen, die de vraag op langere termijn kunnen aanzwengelen. Toch hebben de grote internationale voorraden de prijzen onder druk gezet en de concurrentie tussen producenten verscherpt.

Ondanks het feit dat de jaarlijkse groei van de Chinese economie is gedaald van 10% in 2010 naar een groeiraming van 7% voor dit jaar,[2] geloven wij dat een stijging van het verbruik, in combinatie met een productievertraging, uiteindelijk zal leiden tot een evenwicht op de oliemarkt en een herstel van de prijzen. De productie in de VS heeft waarschijnlijk haar piek bereikt, en de schattingen gaan uit van productiedalingen in de komende maanden. De productie van niet-OPEC-landen buiten de Verenigde Staten lijkt ook te dalen, en wij verwachten geen verandering in deze situatie voor de komende één à twee jaar. Intussen zijn veel grote exploratie- en ontwikkelingsprojecten uitgesteld of afgeblazen, wat gevolgen heeft voor de groei van het aanbod op langere termijn. Kortom, wij vinden dat de markt zich aanpast zoals men kan verwachten en bezig is het overaanbod te verwerken dat werd gecreëerd door de sterke stijging van de ontginning van schalieolie in de VS tijdens de voorbije drie à vier jaar. Hoewel het hogere aanbod uit de OPEC-landen en de mogelijke vertraging van de groei van de vraag onduidelijkheid hebben gecreëerd over een mogelijk herstel van de olieprijzen, lijkt het ons dat deze factoren slechts uitstel zijn van een uiteindelijke verstrakking van de fundamentele vraag-aanbodkenmerken.

Nieuwe mogelijkheden aanboren

Het zal waarschijnlijk nog een tijd duren voordat de omstandigheden op de oliemarkt weer normaal zijn. Het is mogelijk dat sommige beleggers hun geduld verliezen en hun energieposities van de hand doen, wat beleggingskansen op langere termijn kan creëren.

Markten en bedrijfsfundamentals hangen af van ontzettend veel factoren, waardoor het moeilijk is om de precieze uitkomst te voorspellen. Maar een scenario van olieprijzen die een lange tijd laag blijven heeft grote gevolgen voor de sector, omdat het winnen van aardolie uit bronnen met hoge productiekosten zo economisch onhoudbaar zou kunnen worden. Daarom hebben wij ons geconcentreerd op exploratie- en productiebedrijven (E&P) die tegen lagere kosten werken en die volgens ons de huidige malaise zullen overleven en – hopelijk- zullen floreren in geval van een opleving van de prijzen. Wij verkiezen ook E&P-bedrijven boven bedrijven die diensten leveren aan olievelden en materiaalleveranciers, die mogelijk voor een langere aanpassingsperiode staan, totdat de overtollige capaciteit is geabsorbeerd en de rendabiliteit verbetert.

Veel grote producenten hebben zich kunnen aanpassen aan de lagere prijzen omdat ze vaak een grote prijszettingsmacht hebben en op zeer diepe projectportfolio’s kunnen terugvallen, zodat ze zich kunnen concentreren op de projecten die in welke omstandigheden dan ook economisch het interessantst zijn. Daarnaast zijn veel Amerikaanse E&P-bedrijven efficiënter geworden, wat wil zeggen dat ze met een even grote kapitaalinvestering nu meer olie kunnen bovenhalen. Op langere termijn zou dit gunstig moeten zijn, omdat deze bedrijven zo hogere winsten zouden moeten kunnen verwezenlijken op elk prijsniveau. In de toekomst zouden deze bedrijven in staat moeten zijn te concurreren in een marktomgeving van lage prijzen en vrij goede resultaten te boeken.

Wij hebben ook beleggingskansen gevonden in geïntegreerde oliebedrijven – grote ondernemingen die actief zijn in de exploratie, winning, raffinage en distributie van aardolie. De meeste geïntegreerde oliebedrijven snijden in hun kosten en verlagen hun kapitaaluitgaven om zich aan te passen aan de huidige lagere prijzen. Hierdoor zouden ze in staat moeten zijn hun dividenden te behouden, die vandaag goed zijn voor de hoogste rendementsniveaus in decennia. Veel bedrijven hebben een strategie aangenomen waarbij ze zich “voorbereiden op het slechtst mogelijke scenario en hopen op het beste”. Deze aanpak kan over het algemeen op de goedkeuring van de beleggers rekenen en zou bedrijven de kans moeten geven om hun rendabiliteit te verbeteren in de huidige moeilijke omstandigheden en te floreren wanneer de markt zich herstelt.

Op koers blijven

Hoewel wij optimistisch blijven over bepaalde segmenten van de energiesector, is de nervositeit onder veel beleggers in olie- en energieaandelen te begrijpen. We zouden hen erop willen wijzen dat de markt zich in het verleden al eerder heeft hersteld van situaties als deze. In 1998, bijvoorbeeld, toen de productie van de OPEC-landen explodeerde en de vraag werd afgeremd door de nasleep van de Aziatische financiële crisis, stortten de olieprijzen in tot circa 11 dollar per vat[3], een prijsniveau waarvan veel experts hadden gedacht dat ze dat nooit zouden meemaken. De daaropvolgende uitverkoop bleek een uitstekende koopkans voor veel beleggers.

Toegegeven, de tijden zijn intussen veranderd en op basis van het verleden kun je niet voorspellen wat er vandaag en morgen kan gebeuren. Wij beginnen wel interessante beleggingsmogelijkheden te ontdekken en hebben sterk gefocust op bedrijven die het volgens ons goed zullen doen wanneer de situatie omkeert. Wij zien elke dag meer en meer van deze mogelijkheden en trachten deze kansen zo veel mogelijk te benutten.

In de huidige onzekere marktcontext met beperkte verbetering van de fundamentals blijft onze voorkeur uitgaan naar gevestigde bedrijven die tegen lage kosten opereren, een sterke balans hebben en volgens ons gezonde groeivooruitzichten op lange termijn bieden. Hoewel het groeitempo van veel bedrijven waarschijnlijk zal vertragen in deze periode van beperkte investeringen en rationalisering van het aanbod, geloven wij dat de bedrijven waarin wij beleggen goed gepositioneerd zouden moeten zijn om weer aan te knopen met investeringen en productiegroei in een herstelscenario.
U kunt meer inzichten van Franklin Templeton Investments in uw inbox ontvangen. Schrijf u in voor de Beyond Bulls & Bears blog.

Voor tijdige beleggingstips kunt u ons volgen op Twitter @FTI_Belgium en op LinkedIn.

De verklaringen, meningen en analyses zijn de persoonlijke kijk van de beleggingsbeheerder. Zij zijn louter bedoeld ter algemene informatie en mogen niet worden beschouwd als individueel beleggingsadvies of een aanbeveling om welke effecten dan ook te kopen, verkopen of houden, of om welke beleggingsstrategie dan ook te volgen. Zij vormen geen juridisch of fiscaal advies. De informatie in dit document geldt per de publicatiedatum en kan zonder kennisgeving worden gewijzigd. De informatie is niet bedoeld als een volledige analyse van elk belangrijk feit over een land, regio, markt of belegging.

Er kunnen bij de opstelling van dit materiaal gegevens van externe bronnen zijn gebruikt die niet door Franklin Templeton Investments (“FTI”) onafhankelijk zijn gecontroleerd of bevestigd. FTI aanvaardt geen aansprakelijkheid voor verliezen die voortvloeien uit het gebruik van deze informatie, en de gebruiker dient zelf te bepalen in welke mate hij wil vertrouwen op deze verklaringen, meningen en analyses. Producten, diensten en informatie zijn mogelijk niet in alle rechtsgebieden beschikbaar en worden alleen door andere gelieerde ondernemingen van FTI en/of hun distributeurs aangeboden als dat door de lokale wet- en regelgeving wordt toegestaan. Raadpleeg uw eigen professioneel adviseur voor meer informatie over de beschikbaarheid van producten en diensten in uw rechtsgebied.

Wat zijn de risico’s?

Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder een mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. De waarde van beleggingen kan zowel dalen als stijgen en beleggers krijgen mogelijk niet het volledige ingelegde bedrag terug. Beleggen in een portefeuille die geconcentreerd is in de grondstoffensector houdt bijzondere risico’s in, zoals een hogere gevoeligheid voor ongunstige economische en regulatorische ontwikkelingen in de sector. Kleinere bedrijven kunnen bijzonder gevoelig zijn voor veranderingen in de economische omstandigheden, hun groeivooruitzichten staan minder vast dan die van grotere, meer gevestigde ondernemingen en ze kunnen volatiel zijn, vooral op korte termijn. De portefeuille kan ook beleggen in buitenlandse bedrijven, die bijzondere risico’s inhouden, met inbegrip van wisselkoersschommelingen en politieke onzekerheid.

[1] West Texas Intermediate (WTI), een kwaliteit van ruwe aardolie die wordt gebruikt als benchmark voor de olieprijzen in de VS. Brent ruwe aardolie wordt gezien als een internationale referentieprijs.

[2] Bronnen: De Wereldbank (gegevens 2010) en het Nationale Bureau voor Statistiek van China (gegevens 2015, per 15 juli 2015).

[3] Bron: US Energy Information Administration.