Beyond Bulls & Bears

De positieve kant van de renteverhoging van de Fed voor vastrentende beleggingen

Dit artikel is ook beschikbaar in: Engels Vereenvoudigd Chinees Frans Italiaans Duits Spaans Pools

Voor het eerst in bijna 10 jaar tijd heeft de Amerikaanse Federal Reserve de rente verhoogd, en vastrentende beleggers vragen zich vast af wat dat voor hun portefeuille betekent. Chris Molumphy van de Franklin Templeton Fixed Income Group blikt terug op vorige verstrakkingscycli en hoe de markt voor schatkistpapier destijds reageerde. Hij legt uit waarom hij deze keer optimistisch is.

Christopher Molumphy
Christopher Molumphy

Christopher Molumphy, CFA
Chief Investment Officer
Franklin Templeton Fixed Income Group

De Amerikaanse Federal Reserve heeft eindelijk beslist om de rente te verhogen, en hoewel wij verwachten dat de vastrentende markt op korte termijn wellicht blijk zal geven van volatiliteit, wijst ons onderzoek uit dat de gevolgen voor middellang- en langerlopend schuldpapier, op middellange tot langere termijn beperkt zouden moeten zijn.

In het bijzonder blijkt zowel uit onze analyse van vorige cycli van renteverhogingen als uit ons standpunt over het huidige economische klimaat dat de rente op langere termijn (inclusief de rente die wordt gebruikt om bijvoorbeeld de hypotheekrente vast te stellen) misschien al rekening houdt met de gevolgen van de langverwachte renteverhoging door de Fed, en dat die mogelijk snel weer daalt zodra beleggers de eerste reactie op het Fed-nieuws van deze week hebben verwerkt.

Globaal genomen is onze beoordeling van de beslissing van de Fed om de rente te verhogen positief voor de markt, omdat we nu meer duidelijkheid hebben. Bovendien heeft de begeleidende verklaring van de Fed het idee bevestigd dat toekomstige verhogingen wellicht gespreid en gematigd zullen plaatsvinden. En precies dat willen we duidelijk maken: dat de rente wellicht nog geruime tijd laag zal blijven.

De weg naar de eerste renteverhoging

Na de vergadering van het Federal Open Market Committee van 15-16 december, kondigden de beleidsmakers van de Fed de beslissing aan om de referentierente voor kortlopende leningen (de beleidsrente of fed-fundsrente) voor het eerst sinds 2006 te verhogen. De beleidsrente werd met 0, xx% verhoogd tot xxx, al bij al een minieme aanpassing, maar wel een belangrijke, omdat ze een verandering van beleid inluidt.

In de nasleep van de financiële crisis van 2008-2009 en de Amerikaanse economische recessie heeft de Fed enkele buitengewone versoepelingsmaatregelen genomen, zoals een nulrentebeleid. Sindsdien is de economie opgeveerd en lijkt het evident dat deze buitengewone maatregelen niet langer nodig zijn.

Hoewel de markten al enige tijd op een renteverhoging rekenden, bleek het banenrapport van december een belangrijke factor: de landbouw niet meegerekend, waren er in november 211.000 nieuwe banen bijgekomen, en ook de cijfers van september en oktober werden naar boven bijgesteld. De actieve beroepsbevolking is toegenomen, kennelijk de laatste belangrijke maatstaf waarop de Fed nog wachtte.

Maar misschien nog belangrijker dan de renteverhoging zelf, is de verklaring over de verwachte mogelijke ontwikkeling van de rente in de komende één tot twee jaar. De Fed weet zijn verwachtingen voor de beleidsrente en zijn beoordeling van de economie goed over te brengen aan de markt. De Fed heeft verklaard dat het wellicht een gestage benadering zal hanteren, die wel eens flink zou kunnen verschillen van de laatste verstrakkingscyclus die de Fed in 2004 heeft ingezet.

Slide2

Hoewel de inflatie in de Verenigde Staten zich nog niet op het informele streefdoel van 2% bevindt, heeft inflatie de neiging om achterop te blijven, en bijgevolg denken wij dat de aanhoudende verbetering van de arbeidsmarkt in de toekomst zou moeten leiden tot een geleidelijke stijging van de inflatie.

Ook willen we erop wijzen dat de Fed weliswaar een directe invloed heeft op de kortetermijnrente, maar dat zijn invloed op de langetermijnrente beperkter is. Het rendement op tienjarige schatkistobligaties (globaal de basis voor de hypotheekrente) wordt bijvoorbeeld bepaald door de marktdynamiek en macro-economische factoren, zoals de verwachtingen voor groei en inflatie, niet alleen in de Verenigde Staten maar wereldwijd. Ons standpunt is dat de rente op langere termijn, gezien de toestand van de Amerikaanse economie, ten opzichte van zijn huidige niveau wellicht zou moeten stijgen, maar dat er factoren zijn die de langetermijnrente gedurende een langere periode laag zouden kunnen houden.

Begin van verstrakkingscycli en een blik op de obligatierente

Uit een studie van vorige verstrakkingscycli van de Fed en de reacties van de markt voor schatkistpapier in de laatste 30 jaar blijkt dat een stijging van de beleidsrente over het algemeen niet betekent dat de rente op langlopende obligaties op hetzelfde moment of in dezelfde mate stijgt. In de onderstaande grafiek wordt het rendement op vijfjarige en tienjarige schatkistobligaties gepresenteerd vóór de vorige renteverhoging door de Fed, evenals de daaropvolgende evolutie over een periode van maanden. We kunnen vaststellen dat de rente op langlopende obligaties inderdaad is gestegen, maar wat vooral interessant is, is dat het grootste deel van de stijging doorgaans plaatsvond in de vijf tot zes maanden vóór de zogenaamde ‘lift-off’, en niet erna. Zodra de Fed zijn verstrakkingscyclus had ingezet, duurde het slechts vier à vijf maanden voor de rente op schatkistpapier opnieuw het niveau had bereikt van in het begin van de cyclus, en soms was ze zelfs gedaald. Dit bewijs van hoe de markten eerdere maatregelen van de Fed hebben ingeprijsd, zou volgens ons kunnen helpen om erachter te komen wat we deze keer mogen verwachten.[1] 

Slide0

Steeds grotere verschillen in wereldwijd monetair beleid: een belangrijk thema voor 2016

We zouden kunnen stellen dat de langeretermijnrente in de Verenigde Staten het komende jaar wellicht niet verder zal stijgen, gezien de toestand op de wereldwijde markten. Een aantal centrale banken over de hele wereld blijft versoepelingsmaatregelen hanteren, inclusief de Europese Centrale Bank (ECB), die onlangs heeft aangekondigd zijn programma van kwantitatieve versoepeling te verlengen tot maart 2017. Wij verwachten dat deze opvallende verschillen in wereldwijd monetair beleid in 2016 worden voortgezet.

In de onderstaande grafiek worden de marktverwachtingen voor de rente op tienjarige obligaties weergegeven, waarbij gegevens van de Amerikaanse futuresmarkt als richtlijn zijn gebruikt. Marktdeelnemers verwachten dat de langetermijnrente het komende jaar zal stijgen, zij het in bescheiden mate. Dat bevestigt tevens ons standpunt dat er een aantal factoren zijn waardoor de langetermijnrente langer laag zou kunnen blijven. 

Slide1

Amerikaanse bedrijven lijken globaal in staat om een bescheiden renteverhoging te doorstaan

In deze context van een ‘langer lagere rente’ zou de kracht van de Amerikaanse consument voor Amerikaanse bedrijven positief moeten zijn. Gezien de verwachte verstrakkingscyclus van de Fed, zou deze sterke binnenlandse consument een gunstige factor kunnen vormen voor bedrijven die te kampen hebben met exportproblemen als gevolg van de sterkere Amerikaanse dollar. Hoewel de lagere grondstoffenprijzen in 2016 een probleem zouden kunnen vormen voor bepaalde sectoren die in grotere mate aan grondstoffen zijn blootgesteld, zou dit voor andere sectoren volgens ons een nettovoordeel moeten opleveren in de vorm van lagere productiekosten. Met voldoende liquiditeit op de balans lijken de meeste Amerikaanse bedrijven ons over het algemeen nog steeds goed gepositioneerd, en in staat om een bescheiden stijging van de rente te doorstaan. Ook zijn wij van oordeel dat technische factoren en periodieke volatiliteit kansen kunnen bieden om onze positionering beter af te stemmen op basis van relatieve waarderingen.

Aan de vooravond van 2016 hebben we dit langverwachte tijdperk van stijgende rente eindelijk betreden. Maar enige renteverhogingen zullen wellicht traag en geleidelijk aan plaatsvinden, en zullen voor vastrentende beleggers zeker geen belangrijke ontwrichtingen in hun portefeuille veroorzaken.

De verklaringen, meningen en analyses in dit document zijn enkel bedoeld ter informatie en mogen niet worden beschouwd als individueel beleggingsadvies of als een aanbeveling om in enig effect te beleggen of om enige beleggingsstrategie te volgen. Omdat de markt en de economie snel kunnen evolueren, gelden verklaringen, meningen en analyses op de datum van de publicatie en kunnen ze zonder kennisgeving worden gewijzigd. Dit document is niet bedoeld als een volledige analyse van elk belangrijk feit over een land, regio, markt, sector, belegging of strategie.

Er kunnen bij de opstelling van dit document gegevens van externe bronnen zijn gebruikt die niet onafhankelijk door Franklin Templeton Investments (‘FTI’) zijn gecontroleerd of bevestigd. FTI aanvaardt geen aansprakelijkheid voor verliezen die voortvloeien uit het gebruik van deze informatie, en de gebruiker dient zelf te bepalen in welke mate hij wil vertrouwen op deze verklaringen, meningen en analyses. Producten, diensten en informatie zijn mogelijk niet in alle rechtsgebieden beschikbaar en worden alleen door andere gelieerde ondernemingen van FTI en/of hun distributeurs aangeboden als dat door de lokale wet- en regelgeving wordt toegestaan. Gelieve uw eigen beleggingsadviseur te raadplegen voor nadere informatie over de beschikbaarheid van producten en diensten in uw rechtsgebied.

U kunt meer vooruitzichten van Franklin Templeton Investments in uw inbox ontvangen. Schrijf in op de blog Beyond Bulls & Bears.

Voor tijdige beleggingstips kunt u ons volgen op Twitter @FTI_Global en op LinkedIn.

Wat zijn de risico’s?

Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder een mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. De waarde van beleggingen kan zowel dalen als stijgen en beleggers krijgen mogelijk niet het volledige ingelegde bedrag terug. Obligatiekoersen evolueren doorgaans in omgekeerde richting als rentevoeten. Wanneer de koersen van obligaties in een beleggingsportefeuille zich aanpassen aan een stijging van de rentevoeten, kan de waarde van de portefeuille dalen.

Disclaimer over hyperlinks

Koppelingen kunnen verwijzen naar websites/media van derden met informatie en diensten die niet door ons zijn gecontroleerd of goedgekeurd. Wij raden u ten stelligste aan om het privacybeleid, het veiligheidsbeleid, de gebruiksvoorwaarden en andere beleidslijnen van elke website die u bezoekt, te lezen, aangezien wij daarover geen controle hebben en daarvoor niet verantwoordelijk of aansprakelijk kunnen worden gesteld.

CFA® en Chartered Financial Analyst® zijn handelsmerken die eigendom zijn van CFA Institute.

[1]In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.