Beyond Bulls & Bears

Alternatieven

What an (Economic) Drag It Is Getting Old

Brooks Ritchey, senior managing director, K2 Advisors, kijkt verder dan de dagelijkse gegevens en beleidsdebatten om tot een totaalbeeld te komen van een trend die belangrijke implicaties zou kunnen hebben voor markt en economie: de vergrijzing van de wereldbevolking.

Dit artikel is ook beschikbaar in: Engels Frans Italiaans Duits Spaans Pools

De inmiddels legendarische frontman van de Rolling Stones, Mick Jagger, zong het al: “What a drag it is getting old”. Oud worden is vervelend, en niet alleen voor rocksterren, maar ook voor de economie.

De wereld wordt ouder (sommige geografische gebieden véél ouder), en voor ons wordt dit stilaan zonder twijfel een aanzienlijke hindernis voor de economische groei. Een die voorlopig wellicht nog niet van het toneel verdwijnt.

Dit zijn de gegevens: Volgens het Amerikaanse bureau voor de statistiek, het US Census Bureau, is naar schatting 8,5% of 617 miljoen mensen van de totale huidige wereldbevolking van 7,3 miljard 65 jaar en ouder.[1] Tegen 2050 zal dat cijfer naar schatting circa 20% bedragen, of 1,6 miljard mensen over de hele wereld. Met andere woorden: over ongeveer 30 jaar zal bijna een vijfde van de wereldbevolking ouder zijn dan 65. [2]

Wat opmerkelijk is, is dat er in 2020 voor het eerst in de geschiedenis van de mensheid meer 65-plussers zullen zijn dan kinderen onder de vijf jaar. Het duurt niet zo lang meer voor dit keerpunt wordt bereikt, en waarschijnlijk zullen deze twee leeftijdsgroepen in de nabije toekomst in tegengestelde richtingen blijven groeien.

In minder ontwikkelde landen, vooral in Azië en Latijns-Amerika, verloopt deze verdubbeling veel sneller. Daar zal het naar schatting minder dan 20 jaar duren voor die verdubbeling plaatsvindt. (Zie onderstaande grafiek.)

0616_K2_population-nl-NL

Ook het tempo waarin volkeren van bepaalde landen vergrijzen, neemt exponentieel toe. Een veelgebruikte maatstaf voor de vergrijzing is hoeveel jaren het duurt voor een bevolking van 65 jaar en ouder verdubbelt van 7% naar 14% van het totaal. Voor de meeste ontwikkelde landen, waar deze verdubbeling reeds heeft plaatsgevonden, duurde dit proces gemiddeld zo’n 75 jaar. Voor Frankrijk duurde het 115 jaar, voor Australië 73 jaar, voor Zweden 85 jaar en voor de Verenigde Staten 65 jaar.[3]

De Wereldgezondheidsorganisatie en andere instellingen hebben vastgesteld dat enkele groeilanden van vandaag – in tegenstelling tot wat de ontwikkelde markten in de 20e eeuw hebben meegemaakt – misschien wel de eerste landen zouden kunnen zijn die oud worden voor ze rijk worden.

Er zijn talrijke redenen voor deze ongelijkheid: mogelijkheden om de levensduur te verlengen, moderne geneeskunde, betere landbouw, social engineering (bijv. China’s nationale beleid dat beperkingen oplegt aan het aantal kinderen). Dit is, ongeacht de oorzaak, echt een nieuw fenomeen, en zou wel eens aanzienlijke economische, sociale en geopolitieke implicaties voor de wereld kunnen hebben.

Can’t Get No (Market) Satisfaction

De wereld wordt grijzer, dat is duidelijk (en hopelijk wijzer, hoewel dat nog niet zo zeker is). Maar wat betekent dit vanuit een economisch standpunt, of meer specifiek, vanuit het standpunt van de markt?

Laten we eerst eens kijken hoe sterk de economie op dit moment is. Centrale banken doen weliswaar hun uiterste best om de wereld van geld te voorzien, maar wat hebben we daar werkelijk al aan gehad? Het klopt dat we een mogelijk rampzalige wereldwijde depressie en een volledige instorting van het Amerikaanse bankensysteem hebben ingeruild voor een iets mildere tegenvaller (wat we nu de Grote Recessie noemen). En in de tussentijd hebben we risicofactoren in de armen gesloten (in bepaalde gevallen zelfs zonder enig onderscheid te maken), vaak ten koste van echte fundamentele waarderingen en kansen om alfa te genereren. Maar wat heeft dat opgeleverd voor de economische groei? Niet heel veel, zo blijkt uit de laatste prognoses, althans volgens ons.

Op 27 april bleek uit een verslag van het Amerikaanse Bureau of Economic Analysis dat de Amerikaanse economische groei in het eerste kwartaal nauwelijks 0,5% op jaarbasis bedroeg. Dat cijfer voldeed niet aan de verwachtingen, bedroeg de helft van de groei die in het vierde kwartaal van 2015 werd opgetekend, en vertegenwoordigde de laagste groei per kwartaal sinds het eerste kwartaal van 2014, toen de winter als schuldige werd aangewezen voor het negatieve resultaat (blijkbaar vonden mensen het vreemd dat het koud was in Noord-Amerika). Ook was dit het derde opeenvolgende kwartaal waarin de groei van het bruto binnenlands product (bbp) een daling liet optekenen.

Op basis van deze cijfers hebben de enorme programma’s voor kwantitatieve versoepeling (QE) (ZIRP’s, NIRP’s, LTRO’s, ESM’s, EFSM’s, enz.), de nasleep van buitensporige hefboomwerking weliswaar verzacht, maar hebben ze hun doelstelling, namelijk het aanzwengelen van de groei, nog steeds niet bereikt. Hoe komt dat?

Sommigen zeggen dat de onderliggende economische theorie van die programma’s al van meet af aan niet klopte (zie onze vorige blogpost: De onbedoelde gevolgen van ZIRP en NIRP). Anderen waren van oordeel dat ze de enige manier waren – en nog steeds zijn – om vooruitgang te boeken. Misschien is er nog meer liquiditeit nodig? Volgens mij ligt het antwoord waarschijnlijk ergens in het midden, en hopelijk weten we ooit het evenwicht te vinden.

Naast de academische argumenten over QE zijn er een aantal andere reële en belangrijke structurele struikelblokken die een invloed hebben op de economische groei, en een van de belangrijkste is de reeds vermelde exponentiële vergrijzing van de wereldbevolking. Die trend kunnen we niet zomaar naast ons neerleggen.

Time Is on Our Side? Helaas, tijd is juist iets dat niet in ons voordeel speelt

Economie kan worden gedefinieerd als de studie van de manier waarop mensen keuzes maken bij schaarste, en het effect van die keuzes op de maatschappij. Zal de economie zich op natuurlijke wijze kunnen aanpassen aan een toekomst waarin goederen en diensten wellicht statisch blijven, maar door steeds minder mensen worden gekocht (schaarste van de vraag)? Hoe zou dat kunnen gebeuren? Dalende prijzen misschien? Deflatie?

Demografische tendensen zijn als een lekkende badkamerkraan. Het proces verloopt zo geleidelijk en de invloed is dermate gering dat het een zekere tijd niet worden opgemerkt of onderschat – misschien wel tientallen jaren – tot het bad uiteindelijk door het plafond zakt. Met andere woorden, de vergrijzende wereldbevolking is iets wat door economen en andere waarnemers vaak wordt geminimaliseerd. Hoewel de demografische verschuiving vooralsnog soepel en geleidelijk is verlopen, zou ze volgens ons ooit wel eens voor een aanzienlijke volatiliteit in de wereldwijde economieën en markten kunnen zorgen. Zijn op het plafond de eerste waterdruppels al te bespeuren?

We moeten immers onthouden dat productie afhankelijk is van bevolking, niet alleen voor arbeidskrachten, maar ook voor consumptie. Het bbp heeft twee basiscomponenten: groei van de productiviteit en groei van de beroepsbevolking. Een economie kan dus pas groeien als de (beroeps)bevolking toeneemt, of als de productiviteit stijgt.

We’ve Been Around a Long, Long Year

Het lijkt vrij duidelijk dat de beroepsbevolking voorlopig niet zal toenemen. Neem nu de babyboomgeneratie, de meeste mensen die na de Tweede Wereldoorlog zijn geboren tussen 1946 en 1964. Volgens het Pew Research Center in Washington DC vieren in de Verenigde Staten elke dag 10.000 babyboomers hun 65e verjaardag (de leeftijd die doorgaans geassocieerd wordt met pensioen). Dit gebeurde voor het eerst in 2011, en zal elke dag blijven duren tot 2029. Denk eens goed na over de gevolgen daarvan. 10.000! Elke dag!

Meer gepensioneerden betekent een tragere gezinsvorming, minder consumptie-uitgaven en neerwaartse druk op aandelenkoersen aangezien de koopkracht na het pensioen daalt. Wanneer de mentaliteit bij babyboomers verschuift van meer vermogen vergaren naar vermogensbehoud, zullen ze waarschijnlijk aandelen kopen om hun pensioen te financieren. Geen nieuwe huizen, minder vakanties, geen nieuwe auto om de paar jaar en minder uitgaven aan luxeproducten. Voor hen is gezondheidszorg wellicht het belangrijkst.

De econoom John Mauldin heeft berekend dat een 50-jarige in de Verenigde Staten gemiddeld $42.000 aan spaargeld heeft. Voor een koppel van 65 bedragen de medische kosten gespreid over de volgende 20 jaar naar verwachting $218.000. Eén op drie heeft niets gespaard voor zijn pensioen op 65, en bijna 40% is volledig afhankelijk van de sociale zekerheid. Als we rekening houden met die cijfers, dan lijkt er niet veel besteedbaar inkomen over te blijven.

 A Storm Is Threatenin’ (en vormt een bedreiging voor ons pensioen)

Als we nadenken over de toekomst van de wereldwijde economische machine, is het belangrijk om ideeën over vergrijzing en het westerse begrip ‘pensioen’ in perspectief te plaatsen. Het beeld van iemand die op de leeftijd van 65 jaar zijn baan inruilt voor een luilekkerleven van hobby’s, golf, op tijd avondeten en daarna een filmpje in de bioscoop van een of ander duur rusthuis in Florida of een andere zonnige plek, is een relatief nieuwe maatschappelijke constructie, en dan vooral een westerse.

Voor het grootste deel in de geschiedenis van de mens gingen mensen werken zolang ze daartoe fysiek in staat waren, en overleden doorgaans kort daarna (helaas is dit in sommige delen van de wereld nog steeds zo). Dus hoewel het pensioen zoals we dat nu kennen een enorme maatschappelijke vooruitgang betekent, is het een relatief nieuw concept. Niemand weet dan ook volledig zeker wat daarvan de economische gevolgen op langere termijn zullen zijn, of wat we kunnen verwachten.

Neem bijvoorbeeld China’s eenkindbeleid. Hierdoor is er een maatschappelijke generatie ontstaan waarbij elk actief lid van de huidige beroepsbevolking uiteindelijk zal moeten zorgen voor twee ouders, vier grootouders en misschien een of meer eigen kinderen. Bovendien heeft China geen socialezekerheidsprogramma of een ander vergelijkbaar veiligheidsnet. Een groot deel van de bevolking leeft er nog steeds onder wat wij als de armoedegrens zouden beschouwen. En dan hebben we het nog niet over luxe-uitgaven. Wat zijn hun vooruitzichten om na hun pensioen gewoon te kunnen leven?

You Can’t Always Get What You Want …

Alles bij elkaar schetsen de struikelblokken voor de toekomst die door de wereldwijde vergrijzing zijn ontstaan, naar onze mening een vrij somber toekomstbeeld. Een economie kan groeien als er een economisch klimaat bestaat dat gunstig/vruchtbaar is voor groei. Daar komt het op neer. Dat klimaat lijkt vandaag niet te bestaan, behalve dan de centraal bankiers die hun hand aan de knop van de geldkraan hebben.

Hoewel er zeker structurele problemen zijn waaraan de wereld het hoofd moet bieden, zijn er wellicht bepaalde sectoren die juist baat hebben bij deze verschuiving. We zouden bijvoorbeeld kunnen verwachten dat de sector van de gezondheidszorg sterk groeit, inclusief medische technologie en farmacie. Ook kan technologie ons mogelijk een handje helpen om het productietekort te overbruggen dat door de gepensioneerden ontstaat. Misschien kunnen machines meer produceren met minder.

Het punt is: we kunnen de toekomst niet voorspellen, en mogelijk levert deze trendverschuiving in de wereldwijde demografie niet op wat we hadden gewild. Maar ook heel misschien levert het uiteindelijk bepaalde dingen op waarvan we nooit hadden gedacht dat we ze nodig hadden.

U kunt meer vooruitzichten van Franklin Templeton Investments in uw inbox ontvangen. Schrijf in op de blog Beyond Bulls & Bears.

Voor tijdige beleggingstips kunt u ons volgen op Twitter @FTI_Global en op LinkedIn.

De verklaringen, meningen en analyses vertegenwoordigen het persoonlijke standpunt van de beleggingsbeheerder. Zij zijn enkel bedoeld ter algemene informatie en mogen niet worden beschouwd als individueel beleggingsadvies of als een aanbeveling of verzoek om enig effect te kopen, te verkopen of te houden, of enige beleggingsstrategie te volgen. Ze vormen geen juridisch of fiscaal advies. De informatie in dit document wordt verstrekt per de publicatiedatum en kan zonder kennisgeving veranderen, en is niet bedoeld als een volledige analyse van elk belangrijk feit over een land, regio, markt of belegging.

Er kunnen bij de opstelling van dit document gegevens van externe bronnen zijn gebruikt die niet onafhankelijk door Franklin Templeton Investments (‘FTI’) zijn gecontroleerd of bevestigd. FTI aanvaardt geen aansprakelijkheid voor verliezen die voortvloeien uit het gebruik van deze informatie, en de gebruiker dient zelf te bepalen in welke mate hij wil vertrouwen op deze verklaringen, meningen en analyses. Producten, diensten en informatie zijn mogelijk niet in alle rechtsgebieden beschikbaar en worden alleen door andere gelieerde ondernemingen van FTI en/of hun distributeurs aangeboden als dat door de lokale wet- en regelgeving wordt toegestaan. Gelieve uw eigen beleggingsadviseur te raadplegen voor nadere informatie over de beschikbaarheid van producten en diensten in uw rechtsgebied.

Wat zijn de risico’s?

Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder een mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. De waarde van beleggingen kan zowel dalen als stijgen en beleggers krijgen mogelijk niet het volledige ingelegde bedrag terug.

[1] Bron: US Census Bureau, ‘An Aging World: 2015, International Population Reports’, uitgegeven in maart 2016.

[2] Ibid.

[3] Ibid.